Inhoud
Andermans
je bent andermans kind
je hoort hier niet thuis
Het verhaal onderzoekt de complexe verhouding tussen een stiefmoeder en haar stiefdochter en trekt daarbij een parallel met de bredere maatschappelijke spanning tussen mensen die hier geboren zijn en mensen die als buitenstaanders worden beschouwd — vluchtelingen en migranten.
Na zijn overlijden heeft Dr. Maurice een afscheidsbrief achtergelaten voor zijn naasten: zijn vrouw Marie, zijn dochter Anne, zijn buurvrouw Flosje en Gert, een collega van zijn dochter. De brief weerspiegelt zijn levenslange overtuiging: “Een mens is een mens.”
Anne is de stiefdochter van Marie en beweert dat Marie haar tijdens haar kindertijd mishandelde. Marie ontkent en heeft het over de affaires van Maurice in het knusse vakantiehuisje en zijn gewoonte om zijn thuisconsultaties bij Flosje af te sluiten. Flosje beweert dat de dokter bij haar langskwam om te luisteren naar levensliederen, die ze afspeelde op een oude jukebox. Marie vindt dat raar omdat ze samen graag naar aria’s luisterden.
Gert brengt de nacht door met Marie en vertelt haar over zijn liefde voor een flamingodanseres met wie hij twee kinderen heeft en van wie hij gescheiden is. Hij hoopt zijn kinderen gauw terug te zien. Nu heeft hij het te druk. Samen met Anne, die eveneens huisarts is, heeft hij een groepspraktijk.
Het verhaal komt op gang als er tijdens een politierazzia een vluchteling in het been geschoten wordt en weet te ontkomen. Anne treft de zwaargewonde man aan en staat voor een dilemma: kies ik voor het beroepsgeheim of geef ik de man aan? Gert wijst haar op haar burgerplicht, maar Anne kiest voor zwijgplicht en verbergt de man in het vakantiehuisje.
Het voorval verschijnt in de media. De acties volgen elkaar snel op. Anne wordt verraden, de groepspraktijk beklad en besmeurd. De zwaar verwonde vluchteling, die het vakantiehuisje had verlaten, wordt gevonden, verpletterd door de wielen van een tractor. Anne wordt opgepakt en geïnterneerd. Gert wil met Marie naar Zuid-Amerika, naar zijn kinderen. Maar Marie wil het uitstellen. Anna vraagt haar tijdens een bezoek een brief te posten. Het is een brief van de vluchteling aan zijn moeder ingeval hij overlijdt. Marie wil ‘haar handen daar niet aan vuil maken’. Flosje verschijnt als een reddende engel en vertelt dat Marie de brief verstuurd heeft. Anne verwacht dat Flosje haar relaties heeft aangesproken en spoedig weer vrij zal zijn. De ontgoocheling is dan ook groot als Flosje haar als troost een omslag aanbiedt met drugs. Ze kan er zoveel krijgen als ze wil en de eerste levering is gratis. Anne gooit Flosje buiten. Ze overschouwt haar situatie en beseft dat ze uitzichtloos is.
Individu versus gezag.
Antigone 2018.
Rolbezetting: 3 dames, 1 heer
Duurtijd: 90 minuten (geen pauze)
Auteursrecht: Almo
Fragment
ANNE Ik heb al genoeg aan mezelf gedacht, Gert … Hij is mijn patiënt. Dat is mijn engagement, Daarvoor wil ik dokter zijn …
GERT Jij gaat hier niet alles kapot maken!
ANNE Liever dat dan te buigen.
GERT Ik laat je niet vertrekken.
ANNE Dan ga je me moeten dood slaan.
GERT Hoe dwaas kan je zijn!
ANNE Ik weet zeker, Gert, dat jij net hetzelfde zou gedaan hebben als je in mijn plaats had gestaan. Je zou ook de politie er niet bijgehaald hebben, je zou ook de man verzorgd hebben en je zou ook je jas en je hemd en je geld gegeven hebben in de hoop dat hij het redt.
GERT Ik zou de politie er bijgehaald hebben en dan zou de man een proces gekregen hebben, zoals het in een rechtstaat past, Anne.